Nu Skoda zowel de constructeurstitel als met Juo Hänninen ook de rijderstitel in de Intercontintental Rally Challenge (IRC) voor zich heeft opgeeist met een fabrieksteam, neemt de weerstand tegen de fabrieksmatige deelname hand over hand toe.
Inmiddels heeft ook Olivier Quesnel, die sportdirecteur is bij zowel Citroën als bij Peugeot, zich in de discussie gemengd. Uit hoofde van zijn Peugeot Sport directeurschap heeft Quesnel de verantwoordelijken binnen het IRC een fikse waarschuwing gegeven. De Peugeot Sport directeur, wiens 207 S2000’s dit jaar overklast werden door Skoda, heeft gezegd dat voortdurende fabrieksbemoeienis bij het IRC de doodsteek zal betekenen voor de serie binnen een jaar of twee.
Quesnel maakt zich naar eigen zeggen ernstige zorgen over de toekomst van de serie door de grote fabrieksmatige inzet van Skoda. Hij roept de IRC verantwoordelijken dan ook op om eens goed na te denken over de toekomst.
Skoda stond tot nog toe dit seizoen bij elke IRC wedstrijd met 2 of 3 fabrieksauto’s aan de start en pakte de titels simpeltjes. De diverse Peugeot Importeurteams, die met een beduidend bescheidener budget moeten uitkomen en minder ontwikkelingswerk aan de 207 S2000, hadden geen schijn van kans tegen de fabrieksinzet van de Tsjechen.
“Zoals ik al eerder gezegd heb, begrijp ik het spelletje dat Skoda speelt en begreep ik het antwoord van de IRC verantwoordelijken dat de serie open is. Maar wat gebeurt er over twee jaar als Skoda drie titels achter elkaar heeft gepakt? Dan is de serie een lege huls omdat niemand bij machte is om iets tegen Skoda te doen. Misschien zet ik volgend jaar wel de DS3 en mijn rode Citroën leger in en dan is Skoda nergens meer. Maar als ik dat doe dan krijg ik van hogerhand bij Peugeot waarschijnlijk te horen dat ze willen stoppen met wat ze nu doen. Dit is het gevaar van wat er nu aan het gebeuren is. En daarom zeg ik tegen de organisatie van het IRC: wees voorzichtig”, aldus Quesnel.